You are here

Lichtbronnen

- Lees heel de paragraaf door. Dat is nuttig omdat je daarmee een idee krijgt waar deze informatie over gaat, en wat er van je verwacht wordt. Trek het je (nog) niet aan als je niet alles meteen berijpt. 

- Lees de tekst onder de titel 'Lichtbronnen' op pagina 288 onderaan en het rode kadertje met opdrachten op pagina 289 bovenaan opnieuw. 

Vraag a

Je moet overlopen welke antwoorden die de leerlingen gaven, ook echt licht geven. 

- Bedenk voor jezelf een omschrijving van wat een lichtbron is, en wat niet. 

- Overloop de antwoorden van de leerlingen nu één voor één in gedachten.

- Vergelijk daarna je antwoorden met de informatie hieronder, en de motivatie. 

gloeilamp  ja Een gloeilamp is een lichtbron, ze straalt licht uit. 
spiegel nee  Een spiegel is geen lichtbron, als je met een spiegel in een donkere kamer zit, zie je niets. 
kachel soms  De meeste kachels zijn geen lichtbronnen: als je het licht uitdoet in de kamer waar de kachel staat, zie je niets. Sommige kachels hebben een venstertje waardoor je vuur kan zien. Die kachels zie je wel in een kamer zonder licht, en dat zijn dus wel lichtbronnen. 
sterren ja  Sterren zijn zeker lichtbronnen, al kan je niet met een ster in een donkere kamer gaan zitten. Onze zon is een ster die dichterbij staat dan alle andere sterren, waardoor we daar meer licht van krijgen. 
vulkaan  soms

Een vulkaan die uitbarst is een lichtbron: als een vulkaan 's nachts uitbarst, dan kan je dat zien. Op deze website over vulkanisme kan je beelden zien van nachtelijke uitbarstingen: http://www.vulkanisme.nl/vulkaanuitbarsting.php

zon  ja De zon is de belangrijkste lichtbron voor de mensen. De zon is een gewone ster, die dichtbij staat in vergelijking met andere sterren. 
zaklamp  ja Een zaklamp is een lichtbron. Als je met een zaklamp in een donkere kamer zit, kan je ze zien. 
tl-buis  ja Een tl-buis is een lichtbron, net zoals gloeilampen gebruiken we tl-buizen om gebouwen te verlichten. 
regenboog  nee Dit is geen lichtbron. Een regenboog kan je alleen maar zien als de zon schijnt (en als het regent), 's nachts kan je nooit een regenboog zien. 
vuurvliegjes  ja Deze diertjes zijn echte lichtbronnetjes, al zal je niet zo snel met een vuurvliegje alleen in een donkere kamer zijn. Ze zijn heel mooi, en hier kan je een foto en meer uitleg vinden: https://nl.wikipedia.org/wiki/Glimwormen
televisie  ja Dit is een lichtbron: als je met een televisietoestel alleen in een donkere kamer bent, kan je het zien. 
vuur ja  Vuur is een echte lichtbron, maar ga toch maar geen open vuur maken alleen in een donkere kamer. 
maan nee  Dit is geen lichtbron, maar je moet voldoende kennis hebben over hemellichamen om dit te kunnen weten. De maan is een brok donker materiaal, maar wordt beschenen door de zon. Zo kunnen we ze vaak zien. Bij nieuwe maan is de verlichte zijde van de maan weggekeerd van de aarde, en dan kunnen we de maan dus niet zien. 
kaars ja  Dit is een echte lichtbron, we kunnen ze zien als we in een donkere kamer alleen zijn met een aangestoken kaars. 
lichtgevende stickers soms  Hier zijn verschillende soorten, maar je kan zelf beslissen of je een echte lichtbron hebt. Leg je stickers in het licht, en neem ze dan mee naar een volledig donkere kamer. Kan je ze dan nog zien, dan zijn het (eventjes) lichtbronnen. Meestal verliezen ze vrij snel hun energie, en zie je ze niet meer. Dat is precies hetzelfde als de kaars, de zaklamp en de tl-buizen: als ze niet meer ontstoken zijn, geven ze ook geen licht. 

 

vraag b

Lees de vraag nog eens. 

De eerste vraag die je jezelf nu stelt is ... 

We doorlopen de lijst van lichtbronnen op die manier. 

gloeilamp nee  
kachel nee   
sterren ja Het licht ontstaat zonder tussenkomst van mensen. 
vulkaan ja

 

zon ja Het licht ontstaat zonder tussenkomst van mensen. 
zaklamp nee   
tl-buis nee   
vuurvliegjes ja Het licht ontstaat zonder tussenkomst van mensen. 
televisie nee   
vuur ja Hier kan je over redetwisten: er ontstaan soms spontaan branden zonder tussenkomst van mensen. De meeste vuren worden wel door mensen aangestoken, nadat ze een stapeltje brandstof (hout) in een afgelijnde plaats (haard, barbecue) hebben klaargelegd. Dan is het vuur met deze omschrijving geen natuurlijke lichtbron. 
kaars nee   
lichtgevende stickers nee   

Je merkt dat studeren een heel pak trager gaat dan lezen. Heb je iets op je kladblad geschreven? Het is een goed idee om daarop te schrijven wat je zelf niet had bedacht. Dat hoeft niet zo ordelijk te zijn als in een schoolschrift, maar schrijven helpt vaak om informatie vast te zetten in je hoofd. Andere mensen hebben meer baat bij luidop vertellen, tegen zichzelf. Als je van jezelf weet dat je zo het best leert, zorg je dat je de vragen luidop beantwoordt. 

- Lees nu de informatie die op pagina 289 onder het rode kader staat. Doe dit aandachtig, dadelijk volgen er vragen. 

- Klopt de informatie die je nu gelezen hebt met wat hierboven staat?

De meeste informatie komt overeen, maar er zijn kleine verschillen. De tekst in het boek noemt 'lichtgevende stickers' geen lichtbronnen. Zij spreken dus over een andere soort sticker dan je hierboven in de tabel las.

Begreep je de uitleg die hierboven bij de stickers stond? Kan je het daarmee eens zijn? Als je twee keer 'ja' antwoordt, dan is er geen probleem meer. 

Als je die uitleg niet begreep, of als je het er niet mee eens bent, dan staat het zeker . Je moet de vraag dan stellen aan iemand anders: een medestudent, een docent, iemand anders die je kent en die je vertrouwt in deze materie. Ga niet voorbij informatie die je niet begrijpt zonder op te schrijven dat er een probleem is, en zorg dat het opgelost geraakt. Soms komt de oplossing als je verder werkt in je boek. Dan kan je het kladje met je vraag gewoon weggooien. 

Stond er nieuwe informatie in de tekst?

Ja, er komt een nieuw begrip voor: een indirecte lichtbron. 

Begrijp je de omschrijving die in de tekst staat? Indien dat niet het geval is, ... . 'Indirecte lichtbron' kan een nuttig begrip zijn, maar je begint er best niet mee in de lagere school. Voor kinderen moet een omschrijving in de eerste plaats duidelijk zijn. Later kunnen ze de uitzonderingen leren, maar je moet eerst een paar kapstokken aanbieden waarmee ze de nieuwe kennis kunnen structureren in hun hoofd. Als kinderen zelf vragen stellen over uitzonderingen, zal je die natuurlijk wel beantwoorden. Je kan gerust aan een kind vragen om daar even mee te wachten, en er later op terug komen als iedereen in de klas de grote lijnen heeft begrepen. Zorg er wel voor dat je niet vergeet erop terug te komen. Daarvoor helpt een .

Als je hier aankomt nadat je alles hiervoor doorgewerkt hebt, ben je klaar met de eerste paragraaf. Zoals je merkt gaat het niet heel snel, maar dit is een goede manier om de informatie vast te zetten in je hoofd.  Er is ook een voordeel: hoe meer je al geleerd hebt, hoe meer 'kapstokken' je in je hoofd hebt om nieuwe informatie aan op te hangen. Hoe meer je al geleerd hebt, hoe sneller je dus nieuwe informatie kan verwerken. 

Veel succes met het vervolg!

 

Hier kan je verder naar de andere paragrafen:

5.5.2   Wat is licht

5.5.3   Weerkaatsing en absorptie van licht

5.5.4   Breking van licht

5.5.5   De kleuren van de regenboog

5.5.6   Kleuren zien

De kikker brengt je terug naar de startpagina over licht en kleur: